Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog was er aan van alles een tekort. Dat beperkte zich zeker niet alleen tot voedsel. Ook kleding en textiel waren schaars, zeker als het om luxere varianten ging. Mensen werden daardoor ontzettend creatief en wisten er zelfs een bedrijf mee te beginnen.

Marie Proost-Ooms was zo’n creatieve en ondernemende vrouw. Zij besloot trouwjurken te gaan maken van een wel heel bijzondere textiel die nog wél beschikbaar was, namelijk parachutestof. Die jurken werden niet verkocht maar verhuurd. Zo bleef het voor de bruidsparen betaalbaar en werd het ook een langdurige bron van inkomsten voor de maakster. Aan de Wouwsestraat 17 opende Marie ’t Vlindertje, dat al snel meer werd dan een adres waar bruidjes hun jurk konden huren.

Panty’s repareren
Ellie van Broekhoven-Proost, dochter van Marie en Klaas Proost, heeft thuis nog altijd de glas-in-lood vlinder voor het raam hangen die vroeger in de winkel van haar vader en moeder prijkte. Ze vertelt over toen: “De zaak is in 1944 geopend. Al snel ging m’n moeder ook knopen, gespen en fournituren verkopen. Ze maakte er zelf tevens Pic-Pac knopen. Dat waren een soort metalen dopjes waar stof omheen werd geperst en vastgeklemd, meestal restjes van een zelfgemaakt kledingstuk.”

Er kwamen steeds meer producten bij in de winkel. In de jaren ’50 werd één kant volledig ingericht met parfums, bijouterieën en sieraden. Kort daarop konden dames achterin terecht voor BH’s, korsetten, step-ins van Timpa uit Poortvliet en -voor wie het kon betalen- panty’s. Nu is dat niet meer voor te stellen maar die waren toen ontzettend prijzig, vertelt Ellie. “We repareerden ze zelfs, dat was mijn werk. Dat kostte vijf cent per ladder en voor de stop 10 cent.” De ‘stop’ was het stukje nylongaren waarmee de weer op hun plaats getrokken weefsels van de kous werden gefixeerd. “Oh ja”, herinnert de ondernemersdochter zich. “We zijn ook 10 cent gaan vragen voor ongewassen panty’s.” Sommige klanten durfden ze blijkbaar werkelijk zo in te leveren.

Legendarische Eau de Cologne
De winkel van ‘Mevrouw Vlindertje’ ging steeds met zijn tijd mee en verkocht producten op de wijze die toen bij klanten aansloeg. Zo werd de nog altijd wereldberoemde geur Boldoot 4711 verkocht vanuit grote 3 liter flessen. Mensen kwamen langs met hun eigen flacons om die te laten vullen. En het assortiment bleef ook wijzigen. Nog steeds zijn bij met name verzamelaars ansichtkaarten te vinden met Bergse taferelen, die verkocht werden bij ’t Vlindertje in de Wouwsestraat.

Het bedrijf heeft er tot 1961 gezeten. Daarna kon het echtpaar leven van enkele pandjes die werden verhuurd, waaronder deze winkelruimte. Hun dochter heeft nooit de ambitie gehad om de zaak over te nemen. “Maar ik word nog steeds wel eens door leeftijdgenoten herkend als Ellie van ’t Vlindertje”, vertelt ze.

Is geschiedenis schrijven met een eigen winkel ook iets voor jou? Loop gerust eens binnen bij het Binnenstadslab en laat je informeren over de mogelijkheden.