Maartje Cameron wilde eigenlijk een ‘klein winkeltje’ beginnen, met lifestyle-artikelen die in ieder geval in de regio nog niet te vinden waren. Het liep een béétje anders. Bohemi bestaat al weer bijna twee jaar en is allesbehalve een kleine winkel.

Een paar dagen per week open. Dat had Maartje voor ogen toen ze over een winkel nadacht. Daarvoor was ze actief in de wellness en huidverzorging. De interesse voor lifestyle zat er altijd al in en het leek haar leuk daar meer mee te gaan doen. Ze begon in de Lombardenstraat, in een pand dat zéker niet klein is te noemen. En van maar enkele dagen per week open is ook niets terecht gekomen. Daarvoor liep het veel te goed. Op die plek heeft ze zo’n 15 maanden gezeten en toen kwam de huidige zaak in beeld, aan de Zuivelstraat 21. Maartje: “Dit is een nog betere plek voor me. Mede omdat ik hier de deuren wagenwijd open kan zetten lopen mensen makkelijker binnen.”

Het lifestyle-assortiment is aangevuld met geuren, kleding, tassen, accessoires en zelfs geurkaarsen. Een rare combinatie? “Nee hoor”, vindt de onderneemster. “Het is vooral een verrassend assortiment, voor een zeer breed publiek bovendien. Er komen hier jonge meiden van 14 maar ook 65-plussers. Voor zichzelf, maar eveneens als ze een leuk cadeautje zoeken.” Maartje beleeft veel plezier aan het enthousiasme van haar klanten en bezoekers. Zelf is ze 365 dagen per jaar bezig met lifestyle. “Zelfs op vakantie kan ik het niet laten om rond te kijken en op speurtocht te gaan. Zo ontdekte ik bijvoorbeeld in Marokko heerlijke parfums. Die geurlijn heb ik meteen naar Nederland gehaald.”

Blijven verrassen
Groter hoeft haar winkel niet meer te worden, vertelt Maartje. Ze is heel blij met hoe het nu loopt en stopt haar tijd liever in nieuwe vondsten. Klanten willen immers verrast worden, niet alleen bij een eerste bezoek maar ook als ze terugkomen. Sterker nog, ze komen zelfs eerder opnieuw binnen wanneer je als ondernemers steeds met wat nieuws komt.

Hetzelfde moet eigenlijk gelden voor een binnenstad, vindt Maartje: “Het is goed om te zien dat het Binnenstadslab nu dingen los trekt en het centrum weer nieuwe impulsen krijgt. Dat is wel eens anders geweest.” Zelf ziet ze nog wel een aantal verbeterpunten, met name waar het onderlinge samenwerking betreft: “Het is heel lastig om, bijvoorbeeld in je straat, iets te organiseren. Belangen zijn niet altijd hetzelfde en zeker voor filialen van ketenbedrijven is het moeilijk, die mogen vaak ook weinig.” Ondernemersvereniging Sterck kent ze eigenlijk vooral van enkele ledenvergaderingen. Het is blijkbaar lastig het gezamenlijke belang, een florerend centrum, echt samen op te pakken. Ze vindt het jammer wanneer daardoor energie en enthousiasme verloren gaan. “Zoals in mijn winkel m’n klanten graag terug komen omdat we ze blijven verrassen, moet je dat ook in een binnenstad doen. De blije gezichten van je klanten inspireren jou ook weer, dus dat is een geweldige wisselwerking. Je moet écht proberen een positieve boodschap uit te stralen, daar komen mensen op af!”